Lesdoelen
- De leerlingen kunnen eigen ervaringen met generatieve AI benoemen en een onderscheid maken tussen generatieve AI als hulpmiddel en generatieve AI die taken volledig overneemt.
- De leerlingen kunnen voor concrete scenario’s de positieve en negatieve gevolgen van verschillende vormen van AI-gebruik bij huiswerk afwegen en een beredeneerde persoonlijke grens formuleren.
- De leerlingen kunnen hun initieel standpunt kritisch bekijken en indien nodig bijsturen op basis van nieuwe informatie of argumenten van anderen.
Vaardigheden
- Denken zichtbaar maken
- Filosoferen
- Kennis opbouwen
- Kritisch denken
- Reflecteren
- Systeemdenken
Eindtermen
Secundair
Burgerschap
Eerste graad
07.02 De leerlingen reflecteren over het relationele, gelaagde en dynamische karakter van identiteit. (A- en B-stroom)
07.04 De leerlingen gaan geïnformeerd, beargumenteerd en constructief in dialoog over maatschappelijke thema’s. (A- en B-stroom)
Tweede graad
07.02 De leerlingen reflecteren over het relationele, gelaagde en dynamische karakter van identiteit.
07.03 De leerlingen lichten toe hoe verschillende vormen van diversiteit verrijkend en uitdagend zijn voor het samenleven.
07.04 De leerlingen gaan geïnformeerd, beargumenteerd en constructief in dialoog over maatschappelijke thema's.
Nederlands
Eerste graad
02.07 De leerlingen nemen doelgericht deel aan mondelinge en schriftelijke interactie. (A- en B-stroom)
Tweede graad
02.07/08 De leerlingen nemen doelgericht deel aan mondelinge en schriftelijke interactie.
Digitale competenties
Eerste graad
04.04 De leerlingen passen ethische, sociale en legale regels toe bij het gebruiken van digitale technologie. (A- en B-stroom)
Tweede graad
04.04 De leerlingen respecteren ethische, sociale en legale regels bij het gebruiken van digitale technologie.
04.05 De leerlingen analyseren de impact van digitale systemen op de maatschappij vanuit principes van computationeel denken.
Leercompetenties
Eerste graad
13.01 De leerlingen reflecteren over het eigen leerproces en sturen het doelgericht bij. (A- en B-stroom)
Tweede graad
13.1 De leerlingen reflecteren cyclisch en vakspecifiek over het eigen leerproces en sturen het doelgericht bij.
Sociaal-relationele competenties
Eerste graad
05.01 De leerlingen gaan respectvol en constructief met anderen in interactie rekening houdend met elkaars grenzen. (A- en B-stroom)
Tweede graad
05.01 De leerlingen gaan respectvol en constructief met anderen in interactie rekening houdend met elkaars grenzen.