Lesdoelen
- De leerlingen denken bewust na over oorzaak-gevolgrelaties.
Vaardigheden
- Denken zichtbaar maken
- Systeemdenken
Eindtermen
Lager
Nederlands
1.3.14 (4e jaar) De leerlingen kunnen doelgericht deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals dialoog, discussie en groepsgesprek en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- inspelen op de inbreng van de gesprekspartner(s);
- informatie, argument of mening in het gesprek inbrengen.
1.3.10 (6e jaar) De leerling kan doelgericht en genuanceerd deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals dialoog, discussie en groepsgesprek en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- voortbouwen op andermans ideeën;
- verbanden leggen tussen verschillende standpunten;
- argumenten bevragen en nuanceren;
- met ondersteuning tot een conclusie komen.
Geschiedenis
5.2.7 (4e jaar) De leerlingen kunnen oorzaken en gevolgen van een gebeurtenis of een ontwikkeling verklaren.
5.2.3 (6e jaar) De leerlingen kunnen typische historische vragen stellen met betrekking tot:
- continuïteit-verandering;
- oorzaak-gevolg.
Secundair
Nederlands
02.07 De leerlingen nemen doelgericht deel aan mondelinge en schriftelijke interactie. (A-stroom, B-stroom, 2e gr finaliteit arbeidsmarkt, 2e gr dubbele finaliteit, 3e gr finaliteit arbeidsmarkt)
02.08 De leerlingen nemen doelgericht deel aan mondelinge en schriftelijke interactie. (2e gr finaliteit doorstroom, 3e gr finaliteit doorstroom, 3e gr dubbele finaliteit)
Burgerschap
07.04 De leerlingen gaan geïnformeerd, beargumenteerd en constructief in dialoog over maatschappelijke thema’s. (A-stroom, B-stroom, doorstroom-, dubbele en arbeidsmarktfinaliteit)