Lesdoelen
- De leerlingen verkennen en vergelijken elkaars standpunten.
Vaardigheden
- Argumenten geven
- Denken zichtbaar maken
- Filosoferen
Eindtermen
Kleuters
Kleuter: Geschiedenis
5.3.1 De kleuters kennen de volgende begrippen: mening, overleg, stemmen.
Nederlands
1.3.9 De kleuters kunnen actief deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals kringgesprekken, samen spelen, gesprekken met gekende volwassenen en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- op een gepaste manier het woord nemen en vragen;
- elkaar laten uitspreken;
- inspelen op wat anderen zeggen;
- standaardformules gebruiken bij het groeten, aanspreken, bedanken en vragen.
Lager
Nederlands
1.3.10 (4e jaar) De leerlingen kunnen meningen met argumenten onderbouwen op basis van hun vakspecifieke kennis en voorkennis.
1.3.14 (4e jaar) De leerlingen kunnen doelgericht deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals dialoog, discussie en groepsgesprek en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- inspelen op de inbreng van de gesprekspartner(s);
- informatie, argument of mening in het gesprek inbrengen.
1.3.7 (6e jaar) De leerling kan meningen beargumenteren op basis van zijn/haar vakspecifieke kennis en voorkennis.
1.3.10 (6e jaar) De leerling kan doelgericht en genuanceerd deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals dialoog, discussie en groepsgesprek en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- voortbouwen op andermans ideeën;
- verbanden leggen tussen verschillende standpunten;
- argumenten bevragen en nuanceren;
- met ondersteuning tot een conclusie komen.